Posts tonen met het label galllen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label galllen. Alle posts tonen

Harsmannetje



 
Een van de onderwerpen waarover ik al vanaf de start van Frumingelo over wilde schrijven was het harsmannetje. Het kwam er steeds maar niet van. Maar het onderwerp bleef kleven. In het geval van harsmannetjes letterlijk.

De roodbruine rupsen van het Harsbuilmotje (ja, dat is een bestaande vlinder) bevolken de heide en maken hun huis in vliegdennen aan de rand van de hei. Hun larven wonen in fraaie huisjes van hars, die harsmannetjes worden genoemd. de larf vreet zich door de schors en het hout van een Grove den. Deze vliegden probeert de ongewenste indringer tegen te houden door hars af te scheiden, maar de rups weet de overvloedige afscheiding zo te regelen dat er een flinke bult ontstaat, waar ze zelf in kan wonen. Het uiterst comfortabele huisje wordt opgebouwd uit hars van de boom en uitwerpselen van de rups. Het insect weet dit goedje netjes aan elkaar te brouwen.

Het rupseltje heeft ongeveer twee jaar nodig voordat ze zich verpopt tot dat onooglijke motje. Ondertussen weet de rups zich veilig in z'n behuizing die op de eigen groei uitgebreid wordt. De rups leeft van de sappen van de den. In het eerste jaar valt het harsmannetje nauwelijks op. Het huisje van hars groeit namelijk niet zo hard. Na twee jaar is het harsmannetje drie á vier centimeter groot en zo'n grote harsklont begint toch echt op te vallen. Er zal echter geen insectenetende vogel naar kraaien. De rups zit helemaal goed beschermd in z'n kleverige woning en is geeneens smakelijk vanwege z'n hars-dieet. Verpopte rupsen worden, volwassen harsbuilmotjes en vliegen uit rond mei -juni. De onopvallende, grijsbruine vlindertjes leggen hun eitjes op jonge zijtakjes van grove dennen en zo begint de cyclus weer van voor af aan.

Harsmannetjes zijn de aanmaakblokjes van de natuur. Pyromaantjes in de dop gingen vroeger dan ook fanatiek op zoek naar deze harsproppen als ze van plan waren om een knapperend kampvuur te maken. Zolang de oude proppen worden gebuikt blijft de stroom aanmaakblokjes zichzelf vernieuwen en kunnen we blijven genieten van een knetterend vuurtje met zo nu en dan een ontploffend harshuisje.

Gallen

Een insect prikt in een plantenstengel, blad of boom, legt eitjes en verdwijnt. De gestoken plant in kwestie spuugt de indringers niet uit. Dat is op zich al vreemd, maar wat nog vreemder is hetgeen de plant wel doet. Afhankelijk van het insect wordt er een kraamkamer rond het broedsel gebouwd. De gal. Een gal kan er uitzien als een rare verdikking in de stengel van een plant, maar ook als een pluizige bal zoals hiernaast.
Dat een plant "weet" wat er gebouwd moet worden en dat daarna dan ook nog doet is een mooi kunstje natuurlijke verleiding. Hoe zo'n klein insect dat doet is fasinerende denkstof. Ik wil dan ook niet weten dat chemische stofjes die lijken op de groeihormonen van de plant zelf (zoals Aminozuren, adenine, cytokininen, auxine- en gibberelline) hierbij van belang zijn. Dat vergalt een stukje van de mystiek. Laat mij wat dat bereft maar lekker in het verwonderings-stadium.
De tekening van een mosgal op een hondsroos is deel van een verzameling tekeningen die zijn gemaakt door Agnes Jongmans (2-9-1881 / 8-7-1958). Samen met Dr. W.M.I.Borst Pauwels (de man waarmee ze later trouwde) maakte ze in totaal 104 tekeningen van verschillende gallen. De tekeningen zijn gemaakt in de omgeving van onder andere Poelgeest, Noordwijk, Katwijk, Drunen, Bloemendaal, Wassenaar, Winterswijk, en Overveen in de jaren 1907 en 1908. Het zijn zeer mooie acurate tekeningen die gemaakt zijn om hun bruikbaarheid. Daardoor hebben ze niet het gelikte van een floraprent die je in een boek kan verwachten (zie ook Zweedse prenten) maar dat maakt ze voor mij niet minder. Ik hou er wel van als je kan zien dat iets gebruikt is.
De rest van de gallen vindt je hier
De tekeningen zijn in real life te bezichtigen in het Natuurmuseum in Nijmegen.

Related Posts with Thumbnails