Posts tonen met het label Jaargetijden. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Jaargetijden. Alle posts tonen

dendrochronologie



Leuk zo’n opgegraven boot, maar hoe oud is het ding eigenlijk? Die vraag heeft, in meerdere varianten, wetenschappers bezig gehouden, of het nu ging om een boot, een viool of een omstreden schilderij.
Theophrastus, een student van Aristoteles (370 -285 voor Christus) schreef al op dat bomen ieder jaar een groeiring produceren. Per jaar lijken het er twee, maar feitelijk is het één ring met grote cellen in het groeiseizoen (lente-zomer) en kleine cellen tegen het einde van het groeiseizoen (herfst). Leonardo da Vinci (1452 - 1519) voegde daar aan toe dat er een relatie bestaat tussen de breedte van de ring en de hoeveelheid regen die valt in een bepaald jaar. Hij gebruikte het om het weer uit vroegere jaren te reconstrueren. Dat opende de mogelijkheden om iets te zeggen over lang vervlogen tijden. In 1837 voorspelde Charles Babbage (de uitvinder van de eerste echte computer)  dat je door de patronen van brede en smalle jaarringen van verschillende oude woudreuzen te vergelijken je een hele kaart zou kunnen maken van het verleden. Die voorspelling resulteerde uiteindelijk in de wetenschappelijke stroming dendrochronologie.
Dendrochronologie houdt zich bezig met het dateren van houten voorwerpen aan de hand van de in de voorwerpen herkenbare jaarringen. Zoals Da Vinci al opmerkte verschillen de jaarringen per jaar. In droge en natte jaren, of in koude en warme, zullen bomen ringen van een verschillende breedte vormen. Er ontstaat een patroon. Deze patronen kunnen worden vastgelegd door een doorsnee van het hout onder het microscoop te leggen en de breedte van iedere jaarring nauwkeurig op te meten. Bomen in dezelfde klimaatzone zijn met elkaar te vergelijken al dient er wel rekening gehouden worden met de standplaats van een boom. Hierdoor kunnen plaatselijk verschillen optreden. Een boom in het open veld groeit nu eenmaal anders dan een boom in het bos of het moeras. De eerste die het goed voor elkaar kreeg om archeologische resten te dateren was de Amerikaan Andrew E. Douglass.
Door de gehele reeks van jaarringpatronen achter elkaar te leggen is het ook  in Nederland gelukt om een unieke reeks te maken die bijna tot aan de vorige ijstijd (ongeveer tienduizend jaar geleden) loopt.  Doordat Nederland een echt handelsland is kan het zo zijn dat  het hout uit bijvoorbeeld Duitsland of Zweden afkomstig is. Daar zijn dan weer andere jaarringkalenders voor. Voor hout uit Nederland bestaan sinds 1995 de eerste standaardkalenders. Door jaarringpatronen uit een boot, een viool of uit een beschilderd paneel te vergelijken met de juiste jaarringreeks (ook wel standaardkalender genoemd) kan men de ouderdom bepalen. Tenminste als het stuk hout van een eik, es, iep beuk of grove den is en je weet waar het vandaan komt. Anders klopt er geen hout van.  

Antikytheramechanisme

Het was een grote klomp, door het zeewater gecorrodeerd, brons die in 1900 voor de kust van het Griekse eiland Antikythera door sponsduikers werd gevonden. De  klomp was omhuld met hout, wat na blootstelling aan de lucht al snel uit elkaar viel. De klomp bleek een tandwiel en een soort zonnewiel te bevatten en dat was hoogst vreemd. Zover men tot dan toe wist kenden de Grieken in de tijd waaruit bijbehorende vondsten stamden helemaal geen metalen tandwielen. De klomp  met het tandwiel belandde echter in het archief.
De Britse natuurkundige Derek de Solla Price was de eerste die de klomp brons echt goed onderzocht. Hij bekeek het eerst heel lang van de buitenkant (in 1959). De echte doorbraak kwam toen hij in de jaren zeventig röntgenfoto’s van het voorwerp maakte. In de klomp brons bevonden zich allerlei tandwielen en wijzerplaten. Wel dertig in totaal.  Er was dus duidelijksprake van een mechanisme: het Antikythera mechanisme. De onderdelen van het mechanisme waren echter in de loop van de tijd in elkaar gedrukt en ook verschoven, wat een analyse niet makkelijk maakte. Derek de Solla Price bewees met zijn onderzoek dat het ging om een astronomisch instrument met zowel een zon- als een maankalender.
In 2005 is het Antikythera mechanisme nogmaals onderzocht en dat leverde weer nieuwe dingen op. Zo  zijn de structuur van het tandwielmechanisme en de teksten op de tandwielen nog beter zichtbaar gemaakt. Door de ontcijfering van de inscripties zijn de functies van de verschillende tandwielen duidelijker geworden.  Zo werden de sterrenbeelden van de Griekse dierenriem en de Egyptische jaarkalender zichtbaar. Aan de hand van de schrijfstijl van de inscripties is afgeleid dat het mechanisme dateert uit de periode 150 – 100 voor Christus. Bijzonder is ook dat het hier duidelijk gaat om een mechanisme dat efficiënt werkte waarvoor het gemaakt was. Geen enkele van de dertig tandwielen was overbodig en ook zijn er geen correcties of aanpassingen gevonden. Dat doet vermoeden dat het niet het eerste astronomische mechanisme was dat in die tijd werd gemaakt. De geleerden zijn er echter niet achter gekomen wie dit vernuftige mechaniek ontworpen heeft. De namen die genoemd worden zijn Archimedes, Posidonius en Hipparchus, maar het zou zomaar een andere kundige slimmerik geweest kunnen zijn. Dat staat zelfs niet in de sterren geschreven.

holi: maartfeest






In maart roert het weer z’n staart en laten de hindoestanen zich van hun meest kleurige kant zien. Het is namelijk Holi-feest. Het feest van een nieuw begin, van groei en het zegevieren van het goede op het kwade.
Holi is niet bepaald een tam nieuwjaarsfeest, maar een op en top lentefeest. Het is juist héél uitbundig. De mensen strooien poeder in allerlei knalkleuren in het rond en bekliederen elkaar met geurig water. Bij vrolijke muziek worden luidkeels dubbelzinnige liederen gezongen, er worden grappen uitgehaald en uiteraard enthousiast gedanst. De lol spat er vanaf en het elkaar inpeperen en ravotten wordt tot grote kunst verheven. Het poeder symboliseert dat iedereen gelijk is en dat het leven vergankelijk is. Gebruik van rood poeder symboliseert de overwinning en groen kleursel staat voor hoop en vertrouwen in de toekomst. Tijdens het Holifeest kent men geen onderscheid in rang, stand, arm of rijk. Iedereen is daadwerkelijk heel even gelijk zonder dat het een losgeslagen bende wordt. 
Holi is ondanks alle intense feestdrukte ook een tijd om tot bezinning te komen en aan de medemens te denken. Daarbij worden ook op persoonlijk vlak de jaloezie en haat uitgebannen om met een nieuwe lei  en samen met de omgeving aan een harmonieus nieuw jaar te beginnen.

Geplette lentebodes




Linneaus had er een, Charles Darwin en ook Jac P. Thijssen had een uitgebreid exemplaar. Een Herbarium. Eigenlijk alle natuuronderzoekers, struiners en verzamelaars van natuurvondsten zouden er een moeten hebben. Herbaria bestaan uit planten die gedroogd en daarna op soortgroep of standplaats geordend opgeplakt zijn. Hoe uitgebreider het herbarium is, hoe waardevoller het is als naslagwerk. Het gaat dan niet enkel om het volume van het aantal soorten. Bij het maken van een herbarium is de documentatie van de vondst en het drogen van de plant van evengroot belang.
Voordat er met het veldwerk gestart kan worden stellen we eerst een goede uitrusting samen. Een mesje om stengels af te snijden, stevige bladen bijeengehouden door een post-elastiek waartussen de vondsten mee naar huis getransporteerd kunnen worden, een goed plantenboek en uiteraard een notitieblok met potlood om alle bijzonderheden te noteren. Je uitrusting kan natuurlijk nog verder uitgebreid worden. Bijvoorbeeld met handschoenen om brandnetels of distels te verzamelen, een fotocamera om zeldzame planten vast te leggen of of een loupe om bloemen te bestuderen.

Nadat alles bijeen gezocht is kun je de velden in en de lanen op. Begin met planten die je al van naam kent en noteer van elke vondst de naam, de vindplaats en de datum. De vindplaats is natuurlijk de plek van de vondst, maar omvat ook zijn omgeving. Standplaatsfactoren als beschaduwing, bodemgesteldheid en hoe de plant groeit (in plakaten of alleen) zijn daarbij van belang. Planten zijn vaak afhankelijk van soortgenoten. Verzamel daarom alleen planten als er meerdere van dezelfde soort bij elkaar staan. De af te snijden planten moeten voor een goed herbarium compleet zijn op de wortels na. Die laat je in ieder geval zitten zodat de plant weer uit kan schieten. Je kunt ze er ook bij tekenen of schilderen zoals de maker van het herbarium hiernaast heeft gedaan. Bij de meeste planten kun je volstaan door een bloeiwijze, een deel van de stengel, een zaaddoos en een blad mee te nemen. Die eikenboom past natuurlijk niet helemaal op dat velletje van je herbarium en teveel bladeren gaan alleen maar dubbel zitten.
Planten die je nog niet van naam kent kun je het beste eerst op naam brengen met behulp van het plantenboek. Zeldzame planten moet je niet verzamelen, maar kun je uiteraard wel fotograferen of nog beter; natekenen. Laat wat zeldzaam is vooral zeldzaam blijven. Da’s nog altijd beter dan een geplette uitgestorven plant in een boek. Verzamelen van planten is een leuke bezigheid, maar vergeet niet op tijd je verzamelde schatten weer mee naar huis te nemen. Een verwelkte plant is namelijk moeilijk mooi te drogen...

Lees hier verder om meer te weten te komen over het droog- en sorteer proces, de documentatie en meer de beste bewaarmethode.

Related Posts with Thumbnails